
In deze rubriek bespreken V.S.E. Falger en L.J. Falger-Groeneveld maandelijks een boek of een serie
uit de collectie van Serendipity, of een andere ervaring uit onze boeken-wereld. Gestart werd in oktober 2006.
A.J. Kropholler: Kunst en leven. Lijn en vorm, licht en kleur in bouw- en aanverwante kunst,
Amsterdam: De Spieghel, 1938; 189pp., zw-w tekeningen en foto's, 1 kleurenafbeelding, groot 8vo, gebrocheerd. Goed exemplaar met (zeer vermoedelijk) de handtekening van de auteur. € 22,50
.
Alexander Kropholler (1881-1973) is niet de grootste naam uit de Nederlandse architectuurgeschiedenis, maar drukte zeker een eigen stempel. Beïnvloed door H.P. Berlage erfde hij diens voorliefde voor baksteen en monumentaliteit, maar bleef als katholieke bekeerling sterk hangen in de Traditionalistische stroming in de architectuur. Als toonaangevende figuur van de zg. Deltse School schiep hij o.a. de Paschaliskerk in Den Haag (1919-1921, met veel edelsmeedwerk uit het Utrechtse atelier Brom), de HH Martelaren van Gorcum-kerk te Amsterdam (1924), maar ook het Van Abbemuseum (1933-1936) en het zeer karakteristieke stadhuis van Medemblik in Noord-Holland (1940-1942). Kunst en leven is Krophollers belangrijkste geschreven testimonium waarin zijn strijd tegen wat hij 'dor utilisme' noemt, duidelijk naar voren komt. Geïllustreerd met kleine plattegronden van de architect zelf en eveneens kleine architectuurtekeningen van R.J. Veendorp, is dit een gedateerd maar nog steeds aantrekkelijk tractaat.
© jeroen clausman webdesign 2006;
www.clausman.nl